analyse De dienstplichtbrief ploft op de mat: van de geruststellende toon uit 2012 is nog weinig over Nederlandse 16- en 17-jarigen krijgen deze week een brief van de overheid over de militaire dienstplicht. Wettelijk gezien is die sinds 1997 hetzelfde gebleven, maar de brieven zijn sindsdien veranderd. Wat is er tussen de regels door te lezen?
Door Dana Holscher
Fotografie Harry Cock
16 april 2026, 11:00 De brief over de dienstplicht van het ministerie van Defensie valt deze week weer bij duizenden zestienjarigen op de mat. De laatste jaren is die brief van toon en inhoud flink veranderd. Waar Defensie voorheen schreef over vrede, valt nu de term ‘oorlog’. En waar de brieven in het vorige decennium jongeren vooral moesten geruststellen, benadrukt Defensie inmiddels het belang van ‘een sterke krijgsmacht’.
Sinds 1997 hoeven Nederlandse jongeren niet meer automatisch in het leger. Op 1 mei dat jaar werd de zogeheten opkomstplicht opgeschort, wat betekent dat jongeren zich niet meer verplicht hoeven te melden voor een medische keuring, militaire opleiding en eventueel: militaire dienst. Wel staan alle 17 tot 45-jarigen geregistreerd als dienstplichtig, waardoor ze kunnen worden opgeroepen, mocht de overheid daartoe besluiten.
De brieven waarin alle aanstaande zeventienjarigen daarover worden geïnformeerd, werden door de Volkskrant tegen het licht gehouden.
Ga direct naar inhoudGa naar ‘artikel luisteren’
Zijn brieven brengen de Romeinse geschiedenis tot leven en laten zien: Cicero was onuitstaanbaar ijdel
recensie Cicero De Romeinse politicus, filosoof en literator Cicero wordt wel gezien als groot voorbeeld voor politici en als belichaming van de rechtsstaat. Maar uit zijn brieven, nu voor het eerst integraal in het Nederlands vertaald, ontstaat een heel ander beeld.
David Rijser Gepubliceerd op15 april 2026 Leestijd 7 minuten
Luister
Getty Images, bewerking NRC De Russische componist Dmitri Sjostakovitsj citeert in zijn memoires als Russisch gezegde ‘Hij liegt als een ooggetuige’. Als dat op het eerste gezicht ergens niet van toepassing lijkt, is het wel bij de overgeleverde correspondentie van de Romeinse politicus, advocaat, filosoof en literator Cicero (106-43 voor Christus), nauw betrokken ooggetuige van de overgang van Republiek naar keizerrijk in het antieke Rome, een cruciaal breekpunt in de geschiedenis van het Westen. Cicero’s overgeleverde brieven zijn enige tijd geleden met een aantal antwoorden van zijn correspondenten voor het eerst integraal in het Nederlands vertaald.