Gemeente Houten moet dit jaar nog 98 statushouders huisvesten 24 statushouders — vluchtelingen met een verblijfsvergunning — hebben sinds het begin van dit jaar onderdak gekregen in Houten. In de rest van het jaar moeten daar nog 98 statushouders bij komen, blijkt uit nieuwe cijfers van de ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie.
Martijn Klerks 3 juni 2026, 17:29 Laatste update: 3 juni 2026, 17:30 Maak ons je Google-favoriet Elk halfjaar bepaalt het Rijk hoeveel statushouders elke gemeente moet opvangen; als een gemeente in het halfjaar daarvoor te veel of te weinig heeft gedaan, telt dat mee voor de nieuwe doelstelling. Voor de gemeente Houten was de opdracht dit eerste halfjaar om 76 statushouders te huisvesten.
In vijf maanden tijd zijn dus 24 statushouders vanuit een azc naar Houten verhuisd. Voor 1 juli moeten er formeel nog eens 52 hier onderdak krijgen, aldus de cijfers van Binnenlandse Zaken. Wat overblijft — of een eventuele voorsprong eind juni — gaat mee naar het doel van het tweede halfjaar.
Mis nooit meer het laatste nieuws
Krijg een melding bij belangrijk nieuws over Woerden.
Inmiddels heeft het ministerie van Justitie bekendgemaakt hoe hoog de lat in de tweede helft van het jaar ligt: exclusief de achterstand op 1 juli moeten gemeenten een plek vinden voor 16.300 statushouders, ruim duizend mensen meer dan de doelstelling zonder achterstand voor het eerste halfjaar. Van die 16.300 statushouders moeten er 46 in Houten belanden. Dat berekent het ministerie puur op basis van inwonertal.
Tel je die 46 statushouders op bij de opgave van 52 statushouders voor de komende maand, dan kom je op de 98 statushouders voor de laatste zeven maanden van het jaar uit het begin van dit stuk.
De tekst gaat verder onder het kaartje
Alle gemeenten samen lopen al jaren achter met het huisvesten van statushouders. Gevolg: vluchtelingen met een verblijfsvergunning blijven in azc's wonen, waar ze geen leven in Nederland kunnen opbouwen en waar ze plekken bezet houden die bedoeld zijn voor asielzoekers die nog op een beslissing wachten. Voor die groep moet opvangorganisatie COA dan weer andere, soms dure, (nood)opvangplekken regelen.
Aan de andere kant concurreren statushouders met andere woningzoekers voor een sociale huurwoning. Het kabinet-Schoof wilde gemeenten daarom verbieden om statushouders voorrang te geven op de wachtlijst; de huidige woonminister Boekholt-O'Sullivan heeft dat plan voorlopig ingetrokken: gemeenten mogen zelf blijven kiezen of ze voorrang geven of niet.
In de jaren nadat ze ergens in Nederland zijn komen wonen, kunnen statushouders natuurlijk besluiten om te verhuizen. Het CBS houdt bij waar ze daadwerkelijk neerstrijken. Van alle asielzoekers en hun gezinsleden die tussen 2022 en 2024 konden beginnen met inburgeren, belandden er volgens de meest recente cijfers 215 uiteindelijk in Houten.
NIEUWEGEIN – Het Rijk heeft voorlopig geen geld voor de Rijnenburglijn. Dat heeft minister van Infrastructuur en Waterstaat Vincent Karremans aan RTV Utrecht laten weten. De tramlijn moet de Merwedelijn vanuit Nieuwegein doortrekken naar de toekomstige wijk Rijnenburg.
In het gebied zijn plannen voor 63.000 tot 75.000 nieuwe woningen. Voor de Merwedelijn is al 1,8 miljard euro beschikbaar. Voor de Rijnenburglijn is er dus nog geen extra geld. Karremans laat weten dat er op dit moment ook geen ruimte is voor nieuwe initiatieven zoals de Rijnenburglijn.
Geen luxe, maar randvoorwaarde Femina Hoekstra, woordvoerder van de gemeente Nieuwegein, vindt de tramlijn belangrijk voor de nieuwe wijk. “De Merwedelijn en de doortrekking daarvan naar Rijnenburg zijn geen luxe, maar een randvoorwaarde.” Volgens Hoekstra komt de bouw van de woningen zonder de verbinding niet of maar beperkt van de grond. Ze begrijpt dat het ministerie veel geld nodig heeft voor bestaande wegen en andere infrastructuur. Tegelijkertijd wijst ze op het woningtekort. “Juist daarom moeten we investeren in zowel het behoud van wat we hebben als in de bereikbaarheid van de woonwijken van de toekomst”, laat Hoekstra weten.
200 miljoen euro Volgens Hoekstra hebben grondeigenaren tweehonderd miljoen euro gereserveerd. “Dat onderstreept het vertrouwen in de ontwikkeling van Rijnenburg én de bereidheid om samen verantwoordelijkheid te nemen,” legt de woordvoerder uit. Ook noemt ze de Ring Utrecht belangrijk bij de keuzes over nieuwe infrastructurele projecten. “De Ring Utrecht is de draaischijf van Nederland en het functioneren hiervan is cruciaal voor ontwikkeling van woon en werklocaties”, zegt Hoekstra. Nieuwegein blijft dan ook in gesprek met het Rijk en de Tweede Kamer.