Article Published: 15 June 2026
Limited net-export capacity undermines the Netherlands’ ‘feeding the world’ narrative Ben van Selm, Corina E. van Middelaar, Ollie van Hal, Simon J. Oosting, Renske Hijbeek, Martin K. van Ittersum & Imke J. M. de Boer Nature Food volume 7, pages539–548 (2026)
Abstract The Dutch agricultural sector’s orientation towards exports attracts divergent views. Whereas some stakeholders advocate maintaining exports to help ‘feed the world’, others question the validity of this rationale and its environmental consequences. Here we assess the Netherlands’ net-export potential using an agroecological food system model. We find that producing the food groups currently consumed domestically would require all available land in the country. Even with a shift towards more plant-based diets, the potential to export food remains limited if land is also required for strengthening natural ecosystems and fostering the biobased economy. These findings challenge the economic ‘feeding the world’ narrative and underscore the need for an ecological perspective. Our approach can be applied to other regions, helping to redefine their role in the global food supply.
This is a preview of subscription content, access via your institution
Wageningse wetenschappers willen af van misverstand: Nederland voedt de wereld niet Het beeld dat Nederlandse boeren een fors deel van de wereldbevolking voeden met hun producten klopt helemaal niet. Dat concluderen zeven Wageningse wetenschappers na een uitgebreid onderzoek. Ze stellen vast dat Nederland per saldo juist meer voedingsstoffen importeert dan exporteert.
Rob Berends Algemeen verslaggever 2 juli 2026, 07:30 Laatste update: 08:06
De zeven schrijven dat in een publicatie die is afgedrukt in het wetenschappelijke tijdschrift Nature Food. Ze komen tot de conclusie dat de nettobijdrage van Nederland aan de wereldwijde voedselvoorziening heel beperkt is.
Dat Nederland per saldo een grote bijdrage aan het voeden van de mensheid zou leveren, is een oud beeld. Het tijdschrift National Geographic omschreef Nederland in 2017 als het ‘kleine land dat de wereld voedt’.
Maar het is volkomen onjuist, constateren de onderzoekers. Dat komt doordat Nederland voor de voeding van zijn vee en bevolking zelf voor een heel groot deel is aangewezen op het buitenland.
De landbouw gebruikt in eigen land 1,6 miljoen hectare grond. Maar daarnaast legt ze beslag op 4,7 miljoen hectare grond in het buitenland. Die is met name nodig voor de teelt van gewassen die als veevoer gebruikt worden.
De publicatie komt op een saillant moment: ze valt vrijwel samen met de aankondiging van een scherper stikstofbeleid door het kabinet-Jetten. Vooral veehouderijen zullen daardoor minder intensief moeten gaan boeren, of worden uitgekocht.
Een na grootste voedselexporteur Daartegen bestaat fel verzet van boerenorganisaties als Agractie en Farmers Defense Force en de BBB. Zij stellen dat harde maatregelen niet alleen de Nederlandse boeren raken, maar wijzen op de gevolgen voor het buitenland. Nederland is na de VS de grootste voedselexporteur ter wereld.
De onderzoekers relativeren die Nederlandse positie. Nederland voert inderdaad veel landbouwproducten uit, maar een derde deel daarvan komt uit andere landen, wordt hier bewerkt, en verder verhandeld. En voor de productie van vlees in Nederland zelf zijn eerst enorme importen nodig.
Timing is toeval De timing van het onderzoek is toeval, zegt hoogleraar Imke de Boer, een van de onderzoekers. De resultaten lagen er vorig jaar al, maar Nature Food publiceert ze pas nadat ze grondig gecontroleerd zijn. Daar is veel tijd overheen gegaan.
De uitkomsten zijn wel een steun in de rug van de kabinetsplannen. „Het argument van voedselzekerheid wordt vaak ingezet om het huidige systeem in stand te houden”, zegt De Boer. „Maar uit ecologisch oogpunt is het onvermijdelijk dat we in Nederland minder vee gaan houden.”